Silence is golden…..

Het begint wel een beetje op een zeurblog te lijken maar niets is minder waar hoor had vandaag echt een super fijne dag.
Maar zaterdag voelde ik het al, veel naar de wc om te plassen, branderig gevoel en ik wist het eigenlijk meteen blaasontsteking, vast.  En precies in het weekend en ik had geen zin om iemand te charteren om me naar de Hap te brengen dus maar geprobeerd wat eigen middeltjes in de strijd te gooien om het in ieder geval wat minder erg te maken.
Paracetamol, een dubbele dosis cranberry pillen, veel drinken en bitter lemon daar zit kinine in en dat is ontstekingsremmend. Onder het mom van baat het niet dan schaadt het ook niet.
Het leek nog te werken ook, de tussentijden werden langer zo lang dat ik zelfs kon gaan fietsen nog gelukkig. Alleen zondag voelde het wat minder lekker en ben ’s middags maar lekker op de bank wat tv gaan kijken. Denk een beetje koortsachtig want ik had het gewoon koud soms terwijl het geloof ik bijna 30 graden was of zo. Was gewoon blij dat Wim er dit weekend niet was.  Na het eten ’s avonds voelde ik me weer wat lekkerder met dezelfde opkikkers en ben ik nog een rondje gaan fietsen door de polder. Kwam echt bijna niemand tegen, een tractor, wat een rust zo mooi.
Maar tijdens het eten brak er ook nog een vulling van mijn voortand, pfff ook dat nog dacht ik. De vulling voelde sinds het ziekenhuis al niet lekker aan maar waarom moet ie dan precies nu er uitgaan.
Vanmorgen voelde ik me eigenlijk prima, ook vannacht had ik goed geslapen maar toch voor alle zekerheid nog maar even mijn urine laten nakijken bij de dokter en inderdaad het is een blaasontsteking dus kreeg een kuurtje.
Meteen de tandarts ook gebeld en kon vanmorgen om half 12 al meteen komen, zo blij mee dat hij meteen gerepareerd was.
Het was ook een ultieme test om te kijken of mijn draaierigheid echt wel over was en ja hoor, zelfs toen ik zo ver achterover getakeld werd in die stoel bij de tandarts voelde ik helemaal niets. Alleen toen ik weer overeind wilde even een klein beetje dizzy maar dat gebeurde wel met meer mensen zei de tandarts. Vind het nog steeds zo bijzonder dat door zo’n korte behandeling het helemaal weg is. Na een rondje dokter, apotheek en tandarts kon ik gaan fietsen. Wat een zalig weer is dit, best een flinke wind maar die maakt het voor mij ook aangenaam.
Een mooi rondje gemaakt, uurtje siësta en in de tuin gaan werken, had nog wat andijvie plantjes gekocht die ik nog moest poten. Zomaar lekker lopen rommelen tussendoor bij de vijver zitten met een sloot thee, hoe goed kan een mens het hebben. Er waren zoveel blauwe waterjuffers dat ik het niet kon laten om toch mijn camera maar even te pakken.
Er is altijd van alles te zien ook de schaatsenrijders, wilde bijen zag ik nog, vliegen en heel veel andere insecten. Wat een gewriemel overal, mijn tuin leeft echt en dat maakt me blij.
(Al mogen de vliegen wel even weggaan hoor als ik buiten zit te eten, niet dat ik ze wat zal doen als ze buiten zijn maar toch…..ze zijn gewaarschuwd )
Voor wie het interessant vindt nog iets over de schaatsenrijders in mijn vijver. Op de foto kan je ook goed zien dat ze “schaatsen” op de oppervlakte spanning van het water. Zelfs parend zakken ze niet door het water heen ;)…
De schaatsenrijder beweegt zich voort door het veroorzaken van een werveling die een naar achter gerichte impuls heeft. De schaatsenrijder krijgt daardoor zelf een voorwaartse impuls. Deze wijze van voortbeweging is geheel analoog aan roeien.
De middelste poten zijn de ‘roeipoten’ en de achterste zijn de ‘stuurpoten’. Een schaatsenrijder kan dus over het water rennen, maar ook duiken en zelfs vliegen waardoor ver van het water kan worden overwinterd. Op het land is dit dier echter niet zo snel, en bij aanraking worden kleine sprongetjes gemaakt om te ontsnappen.
Het drijfvermogen is een ander verhaal. Vroeger werd gedacht dat de pootjes een beetje vettig zijn en dat ze blijven drijven doordat vet water afstoot. Het klopt dat de pootjes met een wasachtige stof bedekt zijn, maar het is gebleken dat het iets anders zit; onder de pootjes en ook op de buik zitten talloze kleine haartjes (setae) die het water afstoten. Dat kan alleen als de haartjes zo klein zijn dat ze de oppervlaktespanning vergroten door een dun laagje lucht vast te houden. De haartjes op de poten zijn inderdaad zo klein dat ze alleen te zien zijn met een elektronenmicroscoop. Ook andere insecten blijven op het water drijven door de oppervlaktespanning, maar de constructie aan het eind van de poten van de schaatsenrijder zorgt ervoor dat hij alleen op het uiteinde van zijn poten rust, waardoor hij in staat is met zijn lange poten over het water te roeien. Info Wikipedia.