Ik geef me over. Hij wint…………

MaReiger2 (4)ar goed die hij kan ook wel een zij zijn, ik weet niet het verschil tussen  mannetjes en  vrouwtjesreigers maar wat het ook is. Ik gooi de handdoek in de ring of misschien kan ik beter zeggen, ik geef het op met die vijver.
Zo’n 20 jaar geleden kregen we een vijver daar kwamen vissen in en ik vond het vanaf het begin ontzettend leuk en ik gaf mijn vissen zelfs namen. Vlekje, dubbele staart en dat soort namen. Iedere dag voeren, naar ze kijken. Zelfs redelijk mak maken door ze met een kokertje aan een hengel met maden te voeren. Later kwamen er nog twee koikarpers bij, ghosts, ik vond ze in het begin niet mooi, saaie kleuren maar het werden in de loop der jaren mijn allerbeste vijvervrienden.
De eerste jaren ging het eigenlijk goed. In de winter een net er over en zo rond Koninginnedag mocht het er weer af zodra de planten aardig gegroeid waren in de vijver en er schuilmogelijkheden waren.
Maar de reigers hadden de vijver ontdEend vijverekt en de ene na de andere vis verdween, alleen de twee karpers bleven. Misschien door de bruinachtige kleuren dat ze niet zo opvielen tussen de hapklare brokken van goudvissen. Ze stierven 16 en 17 jaar oud een natuurlijke dood tijdens de twee winters waarin er veel sneeuw viel. Heel stom misschien en iemand kan zeggen het zijn maar vissen maar ik was er gewoon verdrietig van. Dat ik niet meer in het voorjaar op een gegeven moment die koppen weer boven water zag komen.
Enfin. Het ene jaar ging het beter dan het andere jaar maar het afgelopen jaar besloot ik dat ook zomers over het grootste gedeelte van de vijver een permanent net kwam want het leek wel of die reigers steeds brutaler werden. En in de winter werd ook de rest overdekt. Dus een net dat dit keer uit twee delen bestondEen profiel.
Het leek te werken, twee weken geleden zag ik alle vissen weer te voorschijn komen, ik telde er zo’n 25 nog. Dat was goed gegaan.
Maar vorige week kwam ik op en zag gewoon tussen de twee netten in de vijver een reiger staan. Ik heb hem weggejaagd maar het leed was al geschied. Ik zie geen vis meer in de vijver. Nu kan het nog best zijn dat er wat dieper in de vijver toch nog wel een paar vissen zitten, dat is wel vaker gebeurd. Dan zijn ze zo geschrokken dat ze zich een tijdje niet meer laten zien.
Maar toch ik geef het op. Ik gooi geen net meer over de vijver, koop ook geen dure vissen meer zoals vorig jaar toen ik toch weer voor zo’n 40 euro reigervoer in de vijver heb gedaan.
Misschien dat ik in mei nog een stuk of 10 kleine goudvissen er in doet.
Maar voor de rest dan maar een vijver met kikkers, stekelbaarsjes (die vinden ze te min), padden, salamanders, waterjuffers, veel insecten en natuurlijk de vogels die gisteren nadat ik het net er af gegooid hadden meteen gingen badderen en drinken er in.Reigerveer Dat is toch ook leuk om te zien. Vanmiddag kwam er nog een echtpaar eend even buurten in mijn vijver, ze gingen gelukkig snel weer weg dat heeft me wel eens meer moeite gekost. Op de vijver dreef tussen het niet meer opgegeten voer een veer van de reiger, het voelde aan alsof hij de spot met me stak en dacht, hier dan weet je waar je vissen gebleven zijn, ik heb gewonnen.
Reigers, ik vind ze prachtig om te zien in de polder, zet ze vaak op de foto maar vervloek ze in mijn vijver.

Spinnen

De WE300 van PLATO met dit keer het woord “SPINNEN”
Meer verhalen op: http://platoonline.wordpress.com/2013/09/06/we-300-september-2013/

Zij had het nooit begrepen, vond het ook wel heel kinderachtig die angst.
Vliegen en muggen werden zonder pardon doodgeslagen maar zaten er twee poten meer aan dan liep iedereen rillend weg, sommige zelfs in paniek.

Zij niet en dat verkondigde ze ook tegen iedereen, alsof het iets was om trots op te zijn, dat ze niet bang was.
Langpoters werden gewoon aan de pootjes spartelend naar buiten gegooid en de grotere exemplaren werden met een papiertje gepakt en naar buiten gekieperd.

Bij hun winkel werd er een stuk aangebouwd, een gedeelte kwam bij de winkel en het andere gedeelte zou plaats bieden voor fietsen en opslagruimte.

Het was een septemberavond, ze kwam thuis met haar fiets door de nieuwe ingang zonder dat ze hem nu helemaal door de winkel hoefde te sjouwen.
De aanbouw was nog niet helemaal klaar en er was nog geen verlichting maar inmiddels wist ze de route op haar duimpje in het donker op gevoel te vinden.

Ze wilde gauw naar binnen en liep snel langpoter1door de donkere opslag heen tot ze opeens tegen iets aanliep, ze voelde een groot web en begon te gillen.

Haar man kwam verschrikt aangelopen met een grote zaklantaarn in zijn handen en scheen op haar terwijl ze verstijfd van schrik daar stond.
In het licht van de zaklantaarn zag ze dat ze tegen een visnet aangelopen was dat daar hing om te drogen.

Nooit meer zou ze iemand uitlachen die zei bang te zijn voor die griezelige achtpotige wezens.

(Speciaal voor Plato deze foto)  😉